Pagina 1 van 1
Verkopen Op Marktplaats mogen ze de opbrengsten korten??
#1
Gepost 06 januari 2012 - 08:30
De titel zegt het al: mag de sociale dienst korten op de WWB als ze op mijn bankafschriften inkomsten zien uit de verkoop van gebruikte goederen??
In November zijn we begonnen met een "zolderopruiming". Van een hoop spullen zoals oud speelgoed, kleding die we niet meer dragen enzovoorts, hebben we foto's gemaakt en advertenties geplaatst op Marktplaats.nl.
Dat ging heel goed, een hoop spulletjes vonden een nieuwe eigenaar, en de meeste dingen werden per bank over gemaakt en per post verzonden.
Nu vraagt de SD onze bankafschriften van de laatste 3 maanden..... wat een toeval.....
Daar staan dus al die overboekingen op van allerlei verschillende mensen die wat gekocht hebben.
Kan dit kwaad? Kunnen ze ons hiervoor korten?? Is er zoiets als een maximumbedrag voor welk je je eigen spullen mag verkopen??
In November zijn we begonnen met een "zolderopruiming". Van een hoop spullen zoals oud speelgoed, kleding die we niet meer dragen enzovoorts, hebben we foto's gemaakt en advertenties geplaatst op Marktplaats.nl.
Dat ging heel goed, een hoop spulletjes vonden een nieuwe eigenaar, en de meeste dingen werden per bank over gemaakt en per post verzonden.
Nu vraagt de SD onze bankafschriften van de laatste 3 maanden..... wat een toeval.....
Daar staan dus al die overboekingen op van allerlei verschillende mensen die wat gekocht hebben.
Kan dit kwaad? Kunnen ze ons hiervoor korten?? Is er zoiets als een maximumbedrag voor welk je je eigen spullen mag verkopen??
#2 Gast_O.H. Bruggeling_*
Gepost 06 januari 2012 - 08:59
LJN: BP8124, Centrale Raad van Beroep, 09/108 WWB (18-03-2011)
Soort: Hoger beroep
Zaaknummers: 09/108 WWB
Intrekking bijstandsuitkering. Inkomsten uit de handel op www.marktplaats.nl in mobiele telefoons. Het is voor de toepassing van de WWB niet verboden om goederen via internet te verkopen, mits daarvan melding wordt gemaakt aan het bijstandverlenend orgaan indien daarmee inkomsten worden gegenereerd. De opbrengst van het incidenteel verkopen van privé-goederen, al dan niet via internet, wordt in het algemeen niet als inkomen aangemerkt, zodat daarvan in beginsel geen mededeling behoeft te worden gedaan. De wijze waarop appellant mobiele telefoons koopt en weer verkoopt via internet duidt op incidentele aan- en verkoop van mobiele telefoons voor privé-gebruik. Het College heeft niet aannemelijk gemaakt dat appellant zijn wettelijke inlichtingenverplichting heeft geschonden. Vernietiging bestreden besluit wegens ondeugdelijke grondslag.
Uitspraak:
Uitspraak
09/108 WWB
Centrale Raad van Beroep
Meervoudige kamer
U I T S P R A A K
op het hoger beroep van:
[Appellant], wonende te [woonplaats] (hierna: appellant),
tegen de uitspraak van de rechtbank Maastricht van 2 december 2008, 08/695 (hierna: aangevallen uitspraak),
in het geding tussen:
appellant
en
het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Heerlen (hierna: College)
Datum uitspraak: 15 maart 2011
I. PROCESVERLOOP
Namens appellant heeft mr. S.X.J. Zuidema, advocaat te Heerlen, hoger beroep ingesteld.
Het College heeft een verweerschrift ingediend.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 1 februari 2011. Appellant is verschenen, bijgestaan door mr. Zuidema. Het College heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. H.J.A. Bertholet, werkzaam bij de gemeente Heerlen.
II. OVERWEGINGEN
1. De Raad gaat uit van de volgende in dit geding van belang zijnde feiten en omstandigheden.
1.1. Bij besluit van 2 januari 2008 heeft het College de bijstand ingevolge de Wet werk en bijstand (WWB) van appellant ingetrokken met ingang van de datumvan bijstandsverlening, 30 september 2004, tot 1 januari 2007 op de grond dat appellant heeft verzwegen inkomsten te hebben genoten uit de handel op www.marktplaats.nl (hierna: Marktplaats) in mobiele telefoons.
1.2. Bij besluit van 4 april 2008 heeft het College het bezwaar tegen het besluit van 2 januari 2008 ongegrond verklaard.
2. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep tegen het besluit van 4 april 2008 ongegrond verklaard.
3. Appellant heeft zich in hoger beroep gemotiveerd tegen deze uitspraak gekeerd.
4. De Raad komt tot de volgende beoordeling.
4.1. De Raad stelt voorop dat een besluit tot intrekking van bijstand als het onderhavige, een voor appellant belastend besluit is, waarbij het aan het College is om de nodige kennis omtrent de relevante feiten te vergaren. Dat betekent dat de last om aannemelijk te maken dat aan de voorwaarden voor intrekking is voldaan in beginsel op het College rust.
4.2. De vraag ligt voor of het College zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat appellant de op hem rustende inlichtingenverplichting heeft geschonden door geen melding te maken van handel in mobiele telefoons en inkomsten hieruit in de periode van 30 september 2004 tot 1 januari 2007. Het College heeft de intrekking gebaseerd op het op 28 juni 2007 op ambtsbelofte van een hoofdagent van politie opgemaakte proces-verbaal van verhoor van appellant. Het verhoor heeft plaatsgevonden vanwege een verdenking van overtreding van de Opiumwet. Appellant heeft in dat kader ook een verklaring afgelegd over handel in telefoons op Marktplaats. De Raad ziet in hetgeen appellant tegen de bruikbaarheid van deze verklaring als bewijsmiddel heeft aangevoerd geen aanleiding om de verklaring bij de beoordeling van het onderhavige geschil buiten beschouwing te laten.
4.3. De Raad is evenwel anders dan de rechtbank van oordeel dat de onder 4.2 genoemde verklaring onvoldoende grondslag biedt voor het standpunt van het College dat appellant in de hier aan de orde zijnde periode heeft gehandeld in mobiele telefoons en met de aan- en verkoop ervan in aanmerking te nemen inkomsten heeft verworven. Naar het oordeel van de Raad is de verklaring van 28 juni 2007 daarvoor te summier en niet voldoende specifiek. Zoals de Raad reeds eerder heeft overwogen in zijn uitspraak van 8 juni 2010, LJN BM9097, is het voor de toepassing van de WWB niet verboden om goederen via internet te verkopen, mits daarvan melding wordt gemaakt aan het bijstandverlenend orgaan indien daarmee inkomsten worden gegenereerd. Deopbrengst van het incidenteel verkopen van privé-goederen, al dan niet via internet, wordt in het algemeen niet als inkomen aangemerkt, zodat daarvan in beginsel geen mededeling behoeft te worden gedaan. Hetgeen appellant ter zitting heeft verklaard over de wijze waarop hij mobiele telefoons koopt en weer verkoopt via internet duidt naar het oordeel van de Raad op incidentele aan- en verkoop van mobiele telefoons voor privé-gebruik. Bovendien blijkt uit de verklaring van 28 juni 2007 niet duidelijk op welke periode de daarin gestelde
aan- en verkoop van mobiele telefoons ziet. Het College heeft derhalve naar het oordeel van de Raad niet aannemelijk gemaakt dat appellant zijn wettelijke inlichtingenverplichting heeft geschonden.
4.4. Gelet op hetgeen onder 4.1 tot en met 4.3 is overwogen berust het besluit van 4 april 2008 op een ondeugdelijke grondslag en kan dat besluit wegens strijd met artikel 7:12, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) niet in stand blijven. De rechtbank heeft dit niet onderkend. De Raad zal de aangevallen uitspraak dan ook vernietigen. Doende hetgeen de rechtbank zou behoren te doen, zal de Raad het beroep tegen het besluit van 4 april 2008 gegrond verklaren en dat besluit vernietigen. De Raad ziet voorts aanleiding om met toepassing van artikel 8:72, vierde lid, van de Awb het besluit van 2 januari 2008 te herroepen, omdat dat besluit op dezelfde onhoudbaar gebleken grond berust en niet aannemelijk is dat dit gebrek kan worden hersteld.
5. De Raad ziet aanleidingom het College te veroordelen in de door appellant gemaakte proceskosten. Deze kosten worden begroot op € 644,-- in bezwaar, € 644,-- in beroep en € 644,-- in hoger beroep, voor verleende rechtsbijstand.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep;
Recht doende:
Vernietigt de aangevallen uitspraak;
Verklaart het beroep gegrond;
Vernietigt het besluit van 4 april 2008;
Herroept het besluit van 2 januari 2008;
Veroordeelt het College in de kosten van appellant in bezwaar tot een bedragvan € 644,--en in de proceskosten van appellant in beroep tot een bedrag van € 644,--, te betalen aan appellant en in hoger beroep tot een bedrag van € 644,-- , te betalen aan de griffier van de Raad;
Bepaalt dat het College aan appellant het betaalde griffierecht van in totaal € 146,-- vergoedt.
Deze uitspraak is gedaan door R.H.M. Roelofs als voorzitter en J.F. Bandringa en N.M. van Waterschoot als leden, in tegenwoordigheid van C. de Blaeij als griffier. De beslissing is uitgesproken in hetopenbaar op 15 maart 2011.
(get.) R.H.M. Roelofs.
(get.) C. de Blaeij.
SG
Rechtspraak.nl
Soort: Hoger beroep
Zaaknummers: 09/108 WWB
Intrekking bijstandsuitkering. Inkomsten uit de handel op www.marktplaats.nl in mobiele telefoons. Het is voor de toepassing van de WWB niet verboden om goederen via internet te verkopen, mits daarvan melding wordt gemaakt aan het bijstandverlenend orgaan indien daarmee inkomsten worden gegenereerd. De opbrengst van het incidenteel verkopen van privé-goederen, al dan niet via internet, wordt in het algemeen niet als inkomen aangemerkt, zodat daarvan in beginsel geen mededeling behoeft te worden gedaan. De wijze waarop appellant mobiele telefoons koopt en weer verkoopt via internet duidt op incidentele aan- en verkoop van mobiele telefoons voor privé-gebruik. Het College heeft niet aannemelijk gemaakt dat appellant zijn wettelijke inlichtingenverplichting heeft geschonden. Vernietiging bestreden besluit wegens ondeugdelijke grondslag.
Uitspraak:
Uitspraak
09/108 WWB
Centrale Raad van Beroep
Meervoudige kamer
U I T S P R A A K
op het hoger beroep van:
[Appellant], wonende te [woonplaats] (hierna: appellant),
tegen de uitspraak van de rechtbank Maastricht van 2 december 2008, 08/695 (hierna: aangevallen uitspraak),
in het geding tussen:
appellant
en
het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Heerlen (hierna: College)
Datum uitspraak: 15 maart 2011
I. PROCESVERLOOP
Namens appellant heeft mr. S.X.J. Zuidema, advocaat te Heerlen, hoger beroep ingesteld.
Het College heeft een verweerschrift ingediend.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 1 februari 2011. Appellant is verschenen, bijgestaan door mr. Zuidema. Het College heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. H.J.A. Bertholet, werkzaam bij de gemeente Heerlen.
II. OVERWEGINGEN
1. De Raad gaat uit van de volgende in dit geding van belang zijnde feiten en omstandigheden.
1.1. Bij besluit van 2 januari 2008 heeft het College de bijstand ingevolge de Wet werk en bijstand (WWB) van appellant ingetrokken met ingang van de datumvan bijstandsverlening, 30 september 2004, tot 1 januari 2007 op de grond dat appellant heeft verzwegen inkomsten te hebben genoten uit de handel op www.marktplaats.nl (hierna: Marktplaats) in mobiele telefoons.
1.2. Bij besluit van 4 april 2008 heeft het College het bezwaar tegen het besluit van 2 januari 2008 ongegrond verklaard.
2. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep tegen het besluit van 4 april 2008 ongegrond verklaard.
3. Appellant heeft zich in hoger beroep gemotiveerd tegen deze uitspraak gekeerd.
4. De Raad komt tot de volgende beoordeling.
4.1. De Raad stelt voorop dat een besluit tot intrekking van bijstand als het onderhavige, een voor appellant belastend besluit is, waarbij het aan het College is om de nodige kennis omtrent de relevante feiten te vergaren. Dat betekent dat de last om aannemelijk te maken dat aan de voorwaarden voor intrekking is voldaan in beginsel op het College rust.
4.2. De vraag ligt voor of het College zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat appellant de op hem rustende inlichtingenverplichting heeft geschonden door geen melding te maken van handel in mobiele telefoons en inkomsten hieruit in de periode van 30 september 2004 tot 1 januari 2007. Het College heeft de intrekking gebaseerd op het op 28 juni 2007 op ambtsbelofte van een hoofdagent van politie opgemaakte proces-verbaal van verhoor van appellant. Het verhoor heeft plaatsgevonden vanwege een verdenking van overtreding van de Opiumwet. Appellant heeft in dat kader ook een verklaring afgelegd over handel in telefoons op Marktplaats. De Raad ziet in hetgeen appellant tegen de bruikbaarheid van deze verklaring als bewijsmiddel heeft aangevoerd geen aanleiding om de verklaring bij de beoordeling van het onderhavige geschil buiten beschouwing te laten.
4.3. De Raad is evenwel anders dan de rechtbank van oordeel dat de onder 4.2 genoemde verklaring onvoldoende grondslag biedt voor het standpunt van het College dat appellant in de hier aan de orde zijnde periode heeft gehandeld in mobiele telefoons en met de aan- en verkoop ervan in aanmerking te nemen inkomsten heeft verworven. Naar het oordeel van de Raad is de verklaring van 28 juni 2007 daarvoor te summier en niet voldoende specifiek. Zoals de Raad reeds eerder heeft overwogen in zijn uitspraak van 8 juni 2010, LJN BM9097, is het voor de toepassing van de WWB niet verboden om goederen via internet te verkopen, mits daarvan melding wordt gemaakt aan het bijstandverlenend orgaan indien daarmee inkomsten worden gegenereerd. Deopbrengst van het incidenteel verkopen van privé-goederen, al dan niet via internet, wordt in het algemeen niet als inkomen aangemerkt, zodat daarvan in beginsel geen mededeling behoeft te worden gedaan. Hetgeen appellant ter zitting heeft verklaard over de wijze waarop hij mobiele telefoons koopt en weer verkoopt via internet duidt naar het oordeel van de Raad op incidentele aan- en verkoop van mobiele telefoons voor privé-gebruik. Bovendien blijkt uit de verklaring van 28 juni 2007 niet duidelijk op welke periode de daarin gestelde
aan- en verkoop van mobiele telefoons ziet. Het College heeft derhalve naar het oordeel van de Raad niet aannemelijk gemaakt dat appellant zijn wettelijke inlichtingenverplichting heeft geschonden.
4.4. Gelet op hetgeen onder 4.1 tot en met 4.3 is overwogen berust het besluit van 4 april 2008 op een ondeugdelijke grondslag en kan dat besluit wegens strijd met artikel 7:12, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) niet in stand blijven. De rechtbank heeft dit niet onderkend. De Raad zal de aangevallen uitspraak dan ook vernietigen. Doende hetgeen de rechtbank zou behoren te doen, zal de Raad het beroep tegen het besluit van 4 april 2008 gegrond verklaren en dat besluit vernietigen. De Raad ziet voorts aanleiding om met toepassing van artikel 8:72, vierde lid, van de Awb het besluit van 2 januari 2008 te herroepen, omdat dat besluit op dezelfde onhoudbaar gebleken grond berust en niet aannemelijk is dat dit gebrek kan worden hersteld.
5. De Raad ziet aanleidingom het College te veroordelen in de door appellant gemaakte proceskosten. Deze kosten worden begroot op € 644,-- in bezwaar, € 644,-- in beroep en € 644,-- in hoger beroep, voor verleende rechtsbijstand.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep;
Recht doende:
Vernietigt de aangevallen uitspraak;
Verklaart het beroep gegrond;
Vernietigt het besluit van 4 april 2008;
Herroept het besluit van 2 januari 2008;
Veroordeelt het College in de kosten van appellant in bezwaar tot een bedragvan € 644,--en in de proceskosten van appellant in beroep tot een bedrag van € 644,--, te betalen aan appellant en in hoger beroep tot een bedrag van € 644,-- , te betalen aan de griffier van de Raad;
Bepaalt dat het College aan appellant het betaalde griffierecht van in totaal € 146,-- vergoedt.
Deze uitspraak is gedaan door R.H.M. Roelofs als voorzitter en J.F. Bandringa en N.M. van Waterschoot als leden, in tegenwoordigheid van C. de Blaeij als griffier. De beslissing is uitgesproken in hetopenbaar op 15 maart 2011.
(get.) R.H.M. Roelofs.
(get.) C. de Blaeij.
SG
Rechtspraak.nl
#4
Gepost 07 januari 2012 - 02:25
Even een, misschien simplistische, gedachtengang:
je mag wettelijk gezien een (beperkt) vermogen hebben. Voor een echtpaar ligt dat rond de 11.000 euro als ik me niet vergis.
Dat vermogen heeft een waarde, dan zou ik dat vermogen toch ook gewoon om kunnen zetten in contanten??
Daarbij : wij kopen ook weer e.e.a. terug op marktplaats, bijvoorbeeld jassen en schoenen voor de kids... nieuw en stukken goedkoper dan in de winkel, want vaak uitlopende modellen.
Ook dat staat op die bankafschriften....
Dus het totaal aan vermogen, oftewel al je bezittingen bij elkaar opgeteld, blijft hetzelfde.
Onzin? Of zou je met een zulk argument aan kunnen komen bij de SD?
je mag wettelijk gezien een (beperkt) vermogen hebben. Voor een echtpaar ligt dat rond de 11.000 euro als ik me niet vergis.
Dat vermogen heeft een waarde, dan zou ik dat vermogen toch ook gewoon om kunnen zetten in contanten??
Daarbij : wij kopen ook weer e.e.a. terug op marktplaats, bijvoorbeeld jassen en schoenen voor de kids... nieuw en stukken goedkoper dan in de winkel, want vaak uitlopende modellen.
Ook dat staat op die bankafschriften....
Dus het totaal aan vermogen, oftewel al je bezittingen bij elkaar opgeteld, blijft hetzelfde.
Onzin? Of zou je met een zulk argument aan kunnen komen bij de SD?
#6
Gepost 07 januari 2012 - 10:02
truelove, op 07 januari 2012 - 02:30 , zei:
"...........het hangt ervan af hoe de SD medewerker daarmee omgaat...."
Uitermate triest is dat!!! Dan ben je dus slachtoffer van willekeurigheid?? Schande......
Hiervoor zouden regels moeten zijn, en het zou dus in geheel Nederland hetzelfde moeten zijn!
Uitermate triest is dat!!! Dan ben je dus slachtoffer van willekeurigheid?? Schande......
Hiervoor zouden regels moeten zijn, en het zou dus in geheel Nederland hetzelfde moeten zijn!
Hellaas is het de werkelijkheid.
Ik heb 2 jaar geleden opnieuw een uitkering moeten aanvragen omdat ik 2 weken gewerkt had. Ik moest een verkorte aanvraag doorlopen. Na 3 maanden was de uitkering nog niet geregelt. Om toch de rekeningen te kunnen betalen, waaronder de wettelijke ziekenkosten verzekering, had ik in de tussentijd wat spullen verkocht onder andere via marktplaats. De betaling van sommige verkochte spullen waren dus op mijn rekening afschrift te zien en ik had daar ook geen geheim van gemaakt.
Het ging om een bedrag van 136 euro.
Ik werd beschuldigd van handel, dus was ik handelaar en kon ik ook mijn eigen kost wel verdienen en had ik volgens haar geen uitkering nodig en fraude omdat ik dit niet opgeven zou hebben, terwijl dit gewoon te zien was op mijn rekening afschriften. En die "bijverdiensten" heeft ze ook van de uitkering afgetrokken.
En die mevrouw had nog wel wat meer beschuldigingen, die ze alleen niet hard kon maken. zelfs de sociaal rechercheur, die alle medewerking van me heeft gekregen, kon daar geen enkel bewijs van vinden. De "verkorte" aanvraag heeft uiteindelijk 7 maanden geduurd.
Je hoeft maar de verkeerde SD medewerker tegen het lijf te lopen.
Groeten Paul.
#7 Gast_Herbert_*
Gepost 08 januari 2012 - 07:06
Wat denkt de SD wel niet?De hele dag zijn vele mensen al nutteloos met sollicitatiewerk bezig omdat er op dit ogenblik gewoon niet meer werk is en dan mag je ook nog niet eens je eigen spullen verkopen....Droevig.......
SD:ZORG ER SAMEN MET DE POLITIEK EENS VOOR DAT ER VOOR IEDEREEN WERK IS!!!!
SD:ZORG ER SAMEN MET DE POLITIEK EENS VOOR DAT ER VOOR IEDEREEN WERK IS!!!!
#8
Gepost 11 januari 2012 - 10:47
Paul., op 07 januari 2012 - 10:02 , zei:
Hellaas is het de werkelijkheid.
Ik heb 2 jaar geleden opnieuw een uitkering moeten aanvragen omdat ik 2 weken gewerkt had. Ik moest een verkorte aanvraag doorlopen. Na 3 maanden was de uitkering nog niet geregelt. Om toch de rekeningen te kunnen betalen, waaronder de wettelijke ziekenkosten verzekering, had ik in de tussentijd wat spullen verkocht onder andere via marktplaats. De betaling van sommige verkochte spullen waren dus op mijn rekening afschrift te zien en ik had daar ook geen geheim van gemaakt.
Het ging om een bedrag van 136 euro.
Ik werd beschuldigd van handel, dus was ik handelaar en kon ik ook mijn eigen kost wel verdienen en had ik volgens haar geen uitkering nodig en fraude omdat ik dit niet opgeven zou hebben, terwijl dit gewoon te zien was op mijn rekening afschriften. En die "bijverdiensten" heeft ze ook van de uitkering afgetrokken.
En die mevrouw had nog wel wat meer beschuldigingen, die ze alleen niet hard kon maken. zelfs de sociaal rechercheur, die alle medewerking van me heeft gekregen, kon daar geen enkel bewijs van vinden. De "verkorte" aanvraag heeft uiteindelijk 7 maanden geduurd.
Je hoeft maar de verkeerde SD medewerker tegen het lijf te lopen.
Ik heb 2 jaar geleden opnieuw een uitkering moeten aanvragen omdat ik 2 weken gewerkt had. Ik moest een verkorte aanvraag doorlopen. Na 3 maanden was de uitkering nog niet geregelt. Om toch de rekeningen te kunnen betalen, waaronder de wettelijke ziekenkosten verzekering, had ik in de tussentijd wat spullen verkocht onder andere via marktplaats. De betaling van sommige verkochte spullen waren dus op mijn rekening afschrift te zien en ik had daar ook geen geheim van gemaakt.
Het ging om een bedrag van 136 euro.
Ik werd beschuldigd van handel, dus was ik handelaar en kon ik ook mijn eigen kost wel verdienen en had ik volgens haar geen uitkering nodig en fraude omdat ik dit niet opgeven zou hebben, terwijl dit gewoon te zien was op mijn rekening afschriften. En die "bijverdiensten" heeft ze ook van de uitkering afgetrokken.
En die mevrouw had nog wel wat meer beschuldigingen, die ze alleen niet hard kon maken. zelfs de sociaal rechercheur, die alle medewerking van me heeft gekregen, kon daar geen enkel bewijs van vinden. De "verkorte" aanvraag heeft uiteindelijk 7 maanden geduurd.
Je hoeft maar de verkeerde SD medewerker tegen het lijf te lopen.
Dat doet me denken aan een bericht wat ik dacht ik op dit forum eens gelezen had. Ging over iemand die een 2dehands boek had verkocht van z'n eigen spullen. Daar werd ook moeilijk over gedaan. Jansz zei toen geloof ik ook iets van dat de SD daar niet moeilijk over mag doen.
Lijkt me vreemd hoor, het gaat toch immers niet om een ingekochte handel ofzo. De SD vraagt mij toch ook niet "verkoop je laptop (ze zijn hier op huisbezoek geweest) maar 2dehands op marktplaats ofzo, want het zijn inkomsten".
#9
Gepost 12 januari 2012 - 08:52
Het hangt er vanaf hoe de sd medewerker de regels interperteerd en met de regels omgaat.
Als er door die besluitvorming van de sd medewerker problemen ontstaan, word dat op jou bordje neer gelegd en mag jij het oplossen, het tegendeel bewijzen of er voor opdraaien, ook al heb je gelijk.
Als er door die besluitvorming van de sd medewerker problemen ontstaan, word dat op jou bordje neer gelegd en mag jij het oplossen, het tegendeel bewijzen of er voor opdraaien, ook al heb je gelijk.
Groeten Paul.
Volg ons op Twitter of help ons om de zoekresultaten van deze discussie op Google te verbeteren
Deel dit topic:
Pagina 1 van 1

SZwerk Home
Kalender
Forumberichten
Chitter
Leden+ blogs
Live Video's
Help 
Voeg antwoord toe 

Multi quote 


